Duurzaamheid moet in je DNA zitten

BAM wint de aanmoedigingsprijs voor het meest duurzame bouwbedrijf van het jaar. “We maken echt stappen om uiteindelijk tot een emissieloze bouwplaats te komen."


Foto: Guido Benschop

Aan de eettafel bespreekt Carla Rodenburg, directievoorzitter van BAM Infra Nederland, geregeld met haar pubers hoe BAM de wereld een stukje beter probeert te maken. Rodenburg, die op het gebied van duurzaamheid kartrekker is binnen BAM in Nederland, vertelt dan bijvoorbeeld over de XblocPlus-blokken waarmee BAM, vanuit consortium Levvel, de Afsluitdijk versterkte. Die blokken bevatten minder beton en dragen dus bij aan minder CO₂-uitstoot.

Biodiversiteit

“We hebben de blokken zo ontwikkeld, dat zij ook de bio­diversiteit stimuleren. Dankzij een ruwe bovenlaag en de twee poeltjes aan de bovenkant kunnen er krabbetjes nestelen en plantjes terugkeren. Mijn kinderen zijn trots op me als ze die verhalen horen”, zegt Rodenburg.

Verheugd is ze dan ook dat haar bedrijf de SDG Award in de wacht heeft gesleept. Verbaasd is ze daar evenwel niet over. BAM is er ‘knettergoed’ in om meetbare doelen te stellen, zegt Rodenburg, die een jaar geleden op haar directiepost bij BAM werd benoemd.

Emissieloze bouwplaats

“Sinds 2018 onderbouwen wij stap voor stap hoe we onze CO₂-voetafdruk zo snel mogelijk naar nul kunnen brengen. Bij BAM Infra hebben we een aantal wereldprimeurs gehad met het elektrificeren van ons materieel. Zo hebben we in 2020 een elektrische wals geïntroduceerd, die jaarlijks 42 ton minder CO₂ uitstoot. Dit jaar hebben we ‘s werelds eerste hybride sondeertruck in gebruik genomen. Die reduceert onze CO₂-emissie jaarlijks met 34 ton. Ook ons kleinere materieel is deels al geëlektrificeerd, van stampers tot graafmachines. We maken echt stappen om uiteindelijk tot een emissieloze bouwplaats te komen.”

Makkelijk is dat niet, ook omdat veel materieel door producenten nog niet elektrisch wordt geleverd. “In Nederland lopen we voorop met de vraag naar zware geëlektrificeerde machines voor asfaltverwerking en heiwerk. Fabrikanten maken die machines nog niet, omdat een groot land als Duitsland er nog niet om vraagt. Dan nemen wij als BAM de verantwoordelijkheid. In het geval van de elektrische wals hebben we een ouder model zelf omgebouwd van diesel naar elektrisch. Dit betekent dat we keuzes maken die bedrijfseconomisch niet altijd de meest logische zijn. Maar wij willen die verduurzaming en hiermee laten we zien dat het kan.”

Materialenpaspoort

Om geen verlies te draaien zullen ook opdrachtgevers vaker hun verantwoordelijkheid moeten nemen, vindt Rodenburg. “Wij zijn vanaf 2022 in staat om voor alle projecten waar dat gewenst is, een materialenpaspoort te maken. Dit paspoort maakt inzichtelijk welke materialen bij de bouw zijn gebruikt en hoe ze zijn verwerkt. Dat maakt het hergebruiken en terugwinnen van materialen bij de sloop of demontage veel eenvoudiger en geeft bouwwerken meer waarde. Het maken van een materialenpaspoort is complex en er zit veel software en registratie achter. Daar hangt een kostenplaatje aan.”

Niettemin blijft BAM in een duurzame toekomst investeren, ook als dat niet direct rendement oplevert. Daarbij blijft de bouwer invulling geven aan de SDG’s.

Rodenburg: “De SDG’s zijn smart en goed geformuleerd en daarom een goede kapstok om verantwoordelijkheid te nemen voor duurzaamheid en ook impact te hebben. Je kunt hierbij niet wegkomen met eenmalige pilots en proefballonnetjes. Duurzaamheid moet in je DNA zitten. Want uiteindelijk gaat het om het totaalplaatje.”

Bron: Cobouw 

Meer weten over duurzaamheid bij BAM Infra Nederland? Bekijk onze duurzaamheidspagina.